Drie interactieve workshops op weg naar een duurzame levensvisie. Reeks rond ecologie en spiritualiteit met fragmenten uit de film 'Stalker' van Andrei Tarkovsky.

Weer zin in ecologie

Sober, niet somber.

Waneer ?

Dinsdagavond 17, 24 en 31 maart 2020 telkens van 19u tot 21u15. Elke avond kan apart gevolgd worden.

Waar ? Magdalenakerk, Schaarstraat, Brugge (nabij Astridpark).

Wat ? Drie interactieve workshops.

Voor wie ? Voor elke burger die een klimaatvriendelijke planeet en stad wil

Kostprijs gratis, drankje inbegrepen.

Inhoud

Klimaatverandering doet wat met mensen. Velen voelen zich machteloos. Anderen  krijgen een weerzin voor alles wat met klimaat te maken heeft. Kunnen we ook hoop vinden in de ecologische crisis die ons treft?

Naar aanleiding van zijn nieuw boek “Zingeving in ecologie” geeft Bruggeling en filosoof  Hendrik Opdebeeck op drie dinsdagavonden een aanzet tot reflectie, ondersteund door filmfragmenten uit de film “Stalker” van Tarkovsky.

Door mededogen én solidariteit, maar ook matigheid én hoop opnieuw centraal te stellen, evolueren we naar een nieuw humanisme. In kleinere groepen reflecteren we verder.  Tijd voor ontmoeting en uitwisseling van ideeën.

Partners

Dit is een initiatief van Broederlijk Delen en YOT samen met verschillende partners: Stad Brugge, De Lier, Huis van de Mens, Ecokerk, Zen Sangha Brugge, Spes, Students for Climate, Grootouders voor het klimaat, Vormingplus.

Verloop van de avond

Welkom - inleiding op filmfragment - vertoning filmfragment - commentaar door prof. Hendrik Opdebeeck - getuigenissen partners - particiaptie deelnemers. Mogelijkheid om na elke avond een derde van de film 'Stalker' te bekijken.

Inhoud per avond

Eerste avond: “MEER DAN ALLEEN RATIONALITEIT VEREIST”

De eerste avond vragen we ons af hoe we opnieuw het menselijke of het humane kunnen betrekken bij de klimaatcrisis. Handelen we wel nog menselijk door zo sterk de nadruk te leggen op rationaliteit in economie en technologie? Menselijkheid of redelijkheid houdt in dat de mens op basis van gevoelens zoals respect, erkenning of empathie, aan de meest bedreigden door de klimaatcrisis (waaronder onze kleinkinderen) en uiteraard ook aan de natuur zelf, gunt waar die billijkerwijs recht op hebben. Over verschillende levensbeschouwingen heen verstaat men onder humaniteit aldus het belang van menselijke eigenschappen zoals mededogen en matigheid. Naast het standpunt volgens het welk we pas van humaniteit kunnen spreken als we ook de natuur respecteren, ontstond echter ook een visie die stelt dat we heer en meester zijn over die natuur. In plaats van zingeving dan te halen uit het respecteren van de natuur, degradeerde dit zin-zoeken van de mens tot het uitbaten van die natuur, wat veelal mateloze uitbuiting werd. Het tot op vandaag dominante rationalisme in onze samenleving nam deze logica van een instrumentaliseerbare natuur over.

De eerste avond stelt zich aldus de vraag af of de jongerenklimaatbetogingen zoals die in 2019 over heel de wereld opdoken, niet meer effect zouden gehad hebben wanneer er niet alleen geëist werd dat de politiek moest verbeteren, maar dat minstens evenzeer een oproep gedaan werd om ons individuele ego aan te pakken in de richting van mededogen en matigheid. Het is daarom dat ook het mikken op technologische oplossingen om de ecologische crisis af te wenden zonder oor te hebben naar het matigheidsverhaal eenzijdig riskeert te zijn. Wanneer men beweert dat we niet anders kunnen dan zwaar investeren in spectaculaire klimaattechnologie zoals koolstof of nieuwe kernenergietechnologie, dan riskeert dit op relatief korte termijn wel weer wat adempauze te geven voor de natuur. Maar op lange termijn zitten onze volgende generaties, wanneer de samenleving vandaag deugden zoals matigheid niet ernstig neemt, opnieuw aan het ecologisch plafond. Duurzaamheid waarbij uiterlijk maat gehouden wordt met betrekking tot het belasten van de natuur, blijkt maar effectief iets uit te halen wanneer de mens ook innerlijk maat weet te houden.

Tweede avond: “WAAR HALEN WE DE NODIGE DRIVE ?”

De tweede avond gaan we dieper in op deugden als uitdrukking van broodnodige humaniteit vandaag. De redelijke houding of gepaste gedragswijze waar we aan toe zijn willen we de ecologische crisis in de ogen zien, komt neer op wat we sedert de antieke filosofie het beoefenen van deugden noemen. Denk aan mededogen, liefde of hoop. Waar haal je echter de motivatie om die deugden effectief te willen opbrengen ten aanzien van de natuur? Men kan bijvoorbeeld gedreven worden door de hoopvolle uitnodiging die spreekt uit de blik van kinderen en kleinkinderen. Een gelovige kan tot die deugden opgeroepen worden door een God die de natuur geschapen heeft en tot mededogen jegens de natuur aanspoort. We kunnen deugden zoals liefde of mededogen en hoop dan ook typisch ecologische deugden noemen. Zowel het broze van de toekomstige generaties als God voor de gelovige blijken dus te koesteren transcendente bronnen te zijn, die op ecologisch vlak tot welbepaalde deugden zoals mededogen oproepen. Het betreft “transcendente” bronnen omdat ze niet zo maar door het begrippelijke of zintuigelijke te vatten zijn. Dit transcendente kan even goed liggen in het unieke van de prachtige planeet dat we ervaren in bijvoorbeeld het mysterieuze van een zons- op- of ondergang. Of in de Boeddha bij wie Zenboeddhisten in wat ze een groene cirkel noemen, aan het mediteren gaan vanuit de ecologische onmacht die ons omknelt. Wat altijd opvalt is dat zowel de gelovige als de atheïst ook vaak voeling krijgen met een andere deugd, namelijk matigheid. De natuur waarin we sedert onze geboorte terecht kwamen, roept ons op de duurzaamheid van onze ecologische context te willen garanderen door onze behoeften niet mateloos te laten uitbreiden. Dit veroonderstel het zich oefenen in matigheid en het zich laten oproepen door voorbeelden die matigheid aan de dag leggen. Het steeds meer beoefenen van meditatie door al dan niet gelovigen, blijkt hiermee te maken te hebben.

De tweede avond gaan we er wel van uit dat de bereidheid om matigheid ook structureel te vertalen in bijvoorbeeld CO2 vermindering, cruciaal wordt. Zo niet riskeert de heropleving van deugden een doekje voor het bloeden te zijn, waarbij het altijd maar de brave burger is (en niet minstens evenzeer onze instellingen) die stappen moet zetten. Dus niet alleen de oude spreuk “Verbeter de wereld, begin met je zelf”, maar evenzeer “Verbeter jezelf, begin met de wereld”, blijken vandaag cruciaal. De structuren of instellingen dienen zo aangepast te worden dat ze het beoefenen van deugden zo optimaal mogelijk bevorderen. Niettegenstaande deugden zoals mededogen en liefde (waarnaar ook atheïstische filosofen vandaag graag verwijzen) de belangrijkste zijn, is in onze geseculariseerde samenleving de deugd van matigheid, vaak een realistischer opstap bij de aanpak van de ecologische crisis. Niet alleen omdat in onze samenleving reeds blijkt dat mensen materieel meegaan in het verhaal van minder vlees eten, minder water verspillen en minder vliegen. Tevens omdat geestelijk het beoefenen van een of andere vorm van meditatie (zoals in mindfulness) een parallelle maatschappelijk trend is. Het beoefenen van meditatie houdt namelijk intrinsiek ook de deugd van matigheid in. Tenzij men meditatie op een perverse manier inschakelt om nog efficiënter en meer te kunnen produceren. Meditatie betreft een voor een tijdsspanne proberen halt houden van alle gedachten, voorstellingen en gevoelens die ons overweldigen. Ze beperkt namelijk niet alleen het geestelijk oeverloos ingaan op verstandelijke begrippen, zintuigelijke ervaringen en gevoelens die in onze hersenen binnenkomen maar kan ook de hieruit voortvloeiende materiële invullingen temperen. Deze geven al te vaak aanleiding tot een te zwaar impact op de natuur. Denk aan de inval om nog maar eens de woonkamer her in te richten, de prikkel die uitgaat van een reclamebord om iets te kopen of het emotioneel verlangen naar een volgende vliegtuig-citytrip.

Derde avond: “HOOP ONDANKS ALLES”

 De derde avond bekijken we hoe vanuit de ecologische crisis een nieuw humanisme het daglicht ziet. Mededogen of liefde, maar ook hoop en matigheid steunen op opvoeding en oefening. Ze veronderstellen een streven of willen opkomen voor de natuur. En ze komen pas ten volle van de grond vanuit een open staan voor een al dan niet religieuze transcendente bron die het verstandelijke of zintuigelijke overschrijdt. Naast een indrukwekkende reflectie omtrent de ratio is er vanaf het begin van de westerse filosofie ook aandacht geweest voor (ecologisch noodzakelijke) deugden. Het volle menselijke zijn of onze humaniteit is inderdaad veel meer dan alleen het denken of waarnemen vanuit onze ratio. Het gaat bij het humane minstens even zeer om onze gevoelens met invloed op ons handelen, zoals dit tot uitdrukking komt in mededogen. Het is aan deze derde dimensie van de filosofie waar we meer dan ooit aan toe zijn bij de aanpak van de ecologische crisis. Opvallend is hoe vandaag zowel gelovige als atheïstische filosofen zoals Charles Taylor en Luc Ferry, en ook Paus Franciscus, in hun pleidooi voor een nieuw humanisme, in het voetspoor treden van die derde dimensie van de westerse filosofie. Atheïstische filosofen zoals Feuerbach, Schopenhauer en Bloch en theïstische filosofen zoals Kierkegaard, Marcel en Levinas gaven hier vroeger al vorm aan vanuit de metafoor van het hart. Mededogen, rechtvaardigheid en solidariteit gaan hierbij hand in hand. Er wordt afstand genomen van de humanistische opvatting van een door en door vrij en rationeel subject dat de vooruitgang van de mensheid zou bevorderen door de natuur opzij te zetten. Het nieuw humanisme waar we aan toe zijn, betreft een humanisme dat, rekening houdend met recente maatschappelijk-technologische evoluties, de kern van ons menszijn niet miskent of overschrijdt maar het ten volle respecteert.

De derde avond staan we aldus stil bij een nieuw humanisme waarbij burgers én overheid matigheid blijken in te bouwen om rekening houden met de verregaande implicaties van de ecologische crisis. Creatieve soberheid die opnieuw een perspectief garandeert, blijkt het alternatief te zijn voor somberheid en klaagzangen op ecologisch vlak. Zoals rechtvaardigheid en solidariteit de noodzakelijk centrale deugden zijn voor onze op sociaal vlak in crisis verkerende samenleving, blijken matigheid, mededogen en hoop bij uitstek de vereiste deugden te zijn met het oog op de aanpak van de ecologische crisis. Zijn het trouwens deze deugden niet die het hart vormen van wat zingeving betekent? Aldus leidt zingeving in ecologie tot een herontdekken van humaniteit als basis voor een nieuw humanisme.

 

Inschrijven

Data

17/03/20 19u00 - 31/03/20 21u15

Weer zin in ecologie_Volledige reeks van 3 avonden

17/03/20 19u00 - 21u15

“MEER DAN ALLEEN RATIONALITEIT VEREIST”

24/03/20 19u00 - 21u15

“WAAR HALEN WE DE NODIGE DRIVE ?”

31/03/20 19u00 - 21u15

“HOOP ONDANKS ALLES”